More

    OPINIE. Met goede voornemens de nieuwe muziekindustrie tegemoet

    OPINIE. Met goede voornemens de nieuwe muziekindustrie tegemoet

    -

    Dit opiniestuk is een reactie op ‘Lessen uit de crisis. Goede voornemens voor de popsector.’ van cultureel adviseur Ken Veerman.

    Introductie

    ‘Waarom zouden we nog wachten om de pijnpunten aan te pakken wanneer we volgend jaar de popsector toch helemaal opnieuw moeten bouwen?’

    Advertentie

    Met deze uitspraak zet Veerman een krachtig statement neer, en ik ben ontzettend blij en opgelucht dat ik zijn gedachtegang heb leren kennen in een les. Niet alleen omdat ik muziekmanagement studeer, maar ook omdat het erop lijkt dat heel de sector er zo over denkt. De sector heeft nog nooit zo veel onzekerheid gekend als nu; zelfs in het tijdperk van de piraterij was er niet zo veel onrust.

    Toch blijf ik optimistisch. Ik ben van mening dat je in situaties met negatieve gevolgen die positief moet proberen in te zetten. Er zijn alsmaar meer mensen die hun werk niet kunnen doen en hun (on)kosten niet kunnen betalen. Het enige wat we kunnen doen, is manieren vinden om sterker en beter uit deze crisis te komen.

    Het einde van de wereld

    Wat Veerman aan het einde van deze alinea zegt, viel me meteen op: ‘We hebben zelf voor een groot stuk in handen of de dingen straks beter worden.’

    Advertentie

    Daar ben ik het volledig mee eens. De muzieksector is fel gebaseerd op ervaringen, het sociale aspect, ervaringen, gevoel en escapisme, meer dan eender welke andere sector. Enkel de gamingindustrie en de horeca komen aan hetzelfde niveau van sociale interactie. Hoe meer we ons inzetten om weer ervaringen aan te bieden vol sociaal contact, euforische gevoelens en escapisme van het dagelijks leven, hoe gemotiveerder iedereen zal zijn.

    Ik denk dat de huidige crisis een veel grotere impact op de muziekindustrie heeft dan de crisis waarover Veerman spreekt in deze alinea. De situatie is niet alleen een pak complexer; er vallen ook veel meer dingen weg.

    In het tijdperk van de piraterij waren er nog liveshows, festivals … die er momenteel niet meer zijn. De hele industrie die in 2019 nog goed was voor een totale waarde van 20,2 miljoen dollar (Bron: IFPI) ligt nu plat en is volledig afhankelijk van inkomsten via streamingdiensten, merchandising, donaties, livestreams tegen betaling, fysieke dragers en subsidies.

    Volgens Statista was de liveindustrie in 2019 nog goed voor circa 29 miljoen dollar, terwijl er in 2020 (voor zover er geteld is) nog maar 9,42 miljoen over blijft. Dat is een drastisch verschil.

    Advertentie

    Ondanks de extremiteit van deze crisis, is er ook veel meer ruimte voor hoop en verbetering. De oplossing voor deze crisis ligt minder in onze handen dan die voor piraterij. Toen moesten we aan iedereen trachten duidelijk te maken dat illegaal verkregen muziek een enorme impact had op de sector. Het enige wat we nu moeten doen, is nog creatiever zijn dan we al zijn geweest en nog harder samenwerken om de ervaringen die mensen zo fel missen op een of andere manier toch in te vullen, en ons weer 200% te geven zodra liveshows weer mogen.

    Vier goede voornemens

     1. Inzetten op kleine diversiteit

    Wat Veerman hier benadrukt, vind ik erg belangrijk om bespreekbaar te maken, vooral onder de grote namen in de industrie en zeker in België.

    De behoefte aan perfecte muziek is een algemeen probleem in de westerse muziekindustrie. Alle songs moeten perfect uitgevoerd, opgenomen, geproducet, gemixt en gemastered zijn. Als een nummer net niet aan die perfecte norm voldoet, is het ‘slecht’.

    Daartegenover staan alternatieve/niche scènes, waar alles wat perfect en poppy is ‘slecht’ wordt bevonden. Die reactie komt alsmaar vaker naar voren door de gigantische stroom aan bedroom pop die nu opkomt. Die stroming was al voor COVID-19 op weg naar een doorbraak, maar de lockdown(s) hebben die doorbraak versneld. Steeds meer mensen zijn van bij hen thuis muziek beginnen te maken met niet meer dan een MIDI-keyboardje, interface, microfoon, een DAW en een koptelefoon – uit verveling, uit escapisme, door overschot aan tijd of andere redenen.

    Er is meer en meer muziek op de markt die niet gemaakt is door grote spelers, maar door wie er ook maar zin in heeft. Wat dit nog eens versterkt, is de nood om locals te ondersteunen. De sector in België is erg gefocust op de ondersteuning van lokale muziek, omdat we niemand anders hebben dan elkaar als steun. Het doet wonderen aan de motivatie en kracht van de sector en helpt kleine, lokale namen aan populariteit te winnen.

    De eerste festivals die zullen plaatsvinden en de eerste zalen die hun deuren zullen openen, zullen genoodzaakt zijn om niet enkel grote, internationale acts te laten optreden, maar om hun podia ook te vullen met Belgische acts. Dat komt enerzijds door het gebrek aan financiële middelen om grote namen te boeken en anderzijds omdat er zo veel nadruk ligt op het steunen van de lokale muzieksector. Het is een positief vooruitzicht voor alle artiesten en spelers die buiten de topspelers van de sector vallen en dus ook voor de diversiteit van ons muzieklandschap.

    2. Versterken van de lokale en Europese sector

    Zoals ik al vermeldde in het vorige deel, zullen er minder opportuniteiten zijn voor grote, internationale acts om in Europa op toer te gaan. Die zullen langzaam wel opbouwen, maar eerst zal de behoefte aan festivals en concerten moeten stijgen en zullen bezoekers voldaan moeten thuiskomen van die evenementen. Dat kunnen bereiken met Europese bands en artiesten zou een geweldige oplossing zijn voor zowel de consument als voor de industrie.

    Zoals Ken Veerman zegt, is het eigenlijk vreemd dat wij niet op zoek gaan naar betere connecties met onze buurlanden en hun muziekindustrie. Er valt zo veel te ontdekken in de buurt, maar wij zijn enkel gefocust op de Amerikaanse en Britse scènes.

    Ik denk dat de gelimiteerde toerkansen na deze crisis ervoor zullen zorgen dat we genoodzaakt zullen zijn om feller in te zetten op andere Europese landen, en dat in het bijzonder samenwerkingen met Nederland en Frankrijk zullen versterken. Dat was al op te merken tijdens ESNS 2021. Daarom ben ik van mening dat dit het ideale moment is voor beginnende acts om aan de slag te gaan met hun muziek, singles uit te brengen en te gaan zoeken naar plaatsen om op te treden vanaf het moment dat het weer kan, in plaats van af te wachten met releases tot alles weer opgebouwd is. Er heerst een positiviteit van steun in onze lokale industrieën, die niet zo fel aanwezig was voor COVID-19.

    3. Een duurzame carrière in de popmuziek

    Zoals Veerman aankaart in deze alinea, is er een hoge nood aan veranderingen in het financiële landschap binnen de muziekindustrie. Dat is altijd al een onzekerheid geweest binnen onze sector, aangezien een groot deel van de actieve bevolking in de muziekindustrie freelance of zelfstandig is.

    Een klein deel werkt effectief met een contract als werknemer voor een werkgever. Dat deel bestaat grotendeels uit mensen die behoren tot de vaste teams van zalen (als programmatieverantwoordelijke, productieverantwoordelijke, vrijwilligersverantwoordelijke, artistieke directeur, financiële manager, HR-manager, algemene directeur, licht- of geluidtechnieker enzovoort) en die onder grote organisaties vallen zoals Live Nation. Vooral als muzikant is er weinig zekerheid en geen vangnet.

    Dat tekort is duidelijker geworden dan ooit tijdens de huidige crisis omdat er nog nooit zo veel limieten zijn gelegd op al die mensen binnen de muzieksector. Voor het eerst kan het feit dat zij zo weinig hebben om op terug te vallen, niet genegeerd worden. VI.BE heeft daarom een lijst opgesteld met steunfondsen en maatregelen.

    De lijst is deels gevuld met reeds bestaande initiatieven en maatregelen, maar er zijn ook een paar toegevoegd die bijzonder interessant zijn als blijvend vangnet voor muzikanten of techniekers die niet kunnen werken door bepaalde omstandigheden. Denk maar aan de tijdelijke werkloosheidsuitkering die nu ter beschikking is gesteld voor muzikanten of techniekers die een bepaald aantal artistieke prestaties geleverd hebben in 2019.

    Veerman maakt nog een belangrijk punt. Concertorganisatoren en boekingsagenten hebben een groot aandeel bij de verdeling in grote namen en kleine namen. Grote namen worden alsmaar duurder en kleine namen hebben steeds meer moeite om voor degelijke gages op te treden. Hij stelt een mooie oplossing voor: grote namen of organisatoren zouden een deel van de ticketverkoop of jaarlijkse winst aan een solidariteitsfonds kunnen geven. Wat nog beter zou zijn, is een eerlijkere verdeling onder de gages; vooral in Europa, aangezien grote (Amerikaanse) namen vaak een gigantisch hoge gage krijgen in tegenstelling tot grote, lokale namen. Dat is natuurlijk wel een zeer idealistische gedachtegang.

    4. Popmuziek wordt weer sociaal

    Hier gaat Veerman dieper in op het sociale aspect van de livesector en hoe belangrijk die wel niet is. Zoals ik bij puntje 1 vermeldde, is het sociale aspect van een livebelevenis extreem belangrijk. Het is een groot onderdeel van waarom we ons zo levendig en euforisch voelen. Je concert buddy, klasgenoot, beste vriendin, partner of een dronken vreemdeling vastpakken die net zo hard gaat als jij geeft een enorme boost en dat gevoel kunnen streamingdiensten of livestreams je nooit geven.

    De livesector is sterk afhankelijk van ticketing. Vooral in Amerika is de ticketverkoop volledig gebaseerd op het idee dat hoe meer ruimte je inneemt, hoe meer je moet betalen. Staanplaatsen zijn soms zelfs achteraan te vinden in plaats van vooraan, in tegenstelling tot in België.

    De belevenis van de concertganger of muziekfanaat zal zeker een belangrijkere rol gaan spelen. Organisatoren realiseren zich dat bezoekers naast bier en livemuziek het liefst van al sociaal contact op evenementen willen.

    Een nieuw creatief klimaat

    Wat ik alweer erg apprecieer aan Veerman is zijn positieve gedachtegang, ook in zijn conclusie. Hij bespreekt het belang van proactief samen naar oplossingen te zoeken en niet enkel gaten te vullen waar nodig, maar om de muziekindustrie ook te verbeteren en innovatie aan te moedigen. Ik ben ervan overtuigd dat de muzieksector vol zit van creatieve mensen met een enorme dosis passie en wilskracht, wat onze geliefde sector enkel zal verbeteren.

    ‘Zo zou uit deze crisis een nieuw en diverser poplandschap kunnen ontstaan, niet omdat het toevallig zo gebeurde, maar net omdat we er samen actief onze schouders onder zetten.’

    Advertentie
    Advertentie

    Lees Meer

    Advertentie