More

    INTERVIEW. Jasper Publie (JEPP) zocht zichzelf in de afgelopen jaren: “Op een podium verstop je automatisch kanten van jezelf”

    © Margit Vantoortelboom

    INTERVIEW. Jasper Publie (JEPP) zocht zichzelf in de afgelopen jaren: “Op een podium verstop je automatisch kanten van jezelf”

    -

    Jasper Publie raakte bij het grote publiek bekend als frontman van Bandits. Na een lange pauze debuteerde Jasper in 2020 met zijn soloproject JEPP. Wij spraken de man over zijn muziek, releasen in coronatijd en zijn nieuwste single Black.

    Je muzikale carrière is grotendeels begonnen met Bandits. Wat is het verschil met je eigen project JEPP?

    Bandits was eigenlijk een project met mijn drie beste vrienden, later vier, dat gegroeid is van toen ik tien jaar oud was tot nu: tien jaar later. We repeteerden bij mij thuis. In de kelder hebben we een repetitiekot. De sound die we maakten, was ook de muziek die we uitbrachten. Ondanks dat Bandits vooral een hobby voor ons was, was het een enorm leuke periode. Bepaalde dingen die we toen hebben meegemaakt, zoals met Thé Lau in het Sportpaleis staan, onze eigen Lotto Arena show hebben, zijn dingen waarvan je achteraf pas beseft hoe zot ze zijn om mee te maken, zeker op die leeftijd.

    Uiteindelijk hadden we allemaal zin in nieuwe avonturen en projecten en hebben we daarom beslist het project Bandits te stoppen.

    Met JEPP heb ik vooral heel hard mijn tijd genomen. Ik heb gestudeerd aan het conservatorium in Gent, ben voor een half jaar naar Zürich geweest en ben naar veel songwriting camps gegaan met een van mijn beste vrienden, songwriter Stefaan Fernande. Stefaan hielp ook mee met het schrijven aan JEPP’s nieuwe single ‘Black’. In die periode heb ik echt de tijd genomen om te ontdekken wat ik zelf ook cool vind in muziek. Waar luister ik graag naar? Wat spreekt mij aan? Het liet me uiteindelijk ook beter beseffen wat ik zelf op een podium wou brengen.

    Waar haal jij inspiratie uit? Zijn er bepaalde artiesten die je inspireren?

    Dat is extreem breed. Ik luister echt naar alles. Toen ik jonger was, werd ik gigantisch geïnspireerd door Michael Jackson. Ik sta ook gewoon heel erg graag op een podium en ik ben zo gefascineerd geraakt door de manier waarop hij op een podium stond. Op dat vlak is Beyoncé momenteel mijn grootste inspiratie. Ik heb gigantisch veel respect voor artiesten die een boodschap uitdragen en die dat in alles laten doorschijnen; de nummers, de live shows, de visuals. “Homecoming”, het live optreden op Netflix heb ik al minstens 20 keer bekeken.

    Toen ik op zoek ging naar mijn eigen sound, was ik helemaal into Mura Masa. Toen ik Firefly hoorde, realiseerde ik mij: damn, dat wil ik ook doen. Het keerpunt kwam dan ook nadat ik zijn show zag in de AB. Ik was helemaal overtuigd van zijn frisse sound. Ik besefte ook dat muziek wel iets elektronischer mag zijn. Het hoeft niet altijd alleen maar een gitaar, bas en drums te zijn. Andere artiesten zijn Kaytranada, Jorja Smith, H.E.R., RAYE, Nao en Mahalia. Op mijn Spotify heb ik, voor wie dat wilt weten, een playlist gemaakt met alle artiesten die me doorheen de afgelopen jaren hebben geïnspireerd.

    © Margit Vantoortelboom

    Probeer jij dan ook een frisse, eigen sound te creëren?

     Ja, ik probeer dat wel, maar ook niet te hard. Ik denk dat als je te geforceerd een nieuwe sound wil creëren, er uiteindelijk bizarre dingen gaan ontstaan.  Als je de muziek die je luistert als referentie gebruikt en experimenteert, creëer je ook automatisch een eigen sound, denk ik toch. Ook het feit dat ik nu de tijd heb om achter de computer te zitten en demo’s te maken, is een groot verschil ten opzichte van vroeger.

    Je hebt de eerste single van JEPP What about us in april 2020 gereleased, een tweede single volgde in augustus 2020 en afgelopen vrijdag verscheen Black. Derde keer een release tijdens Corona, hoe was of is dit voor jou?

    Niet gemakkelijk. Daarom zat er ook een behoorlijke periode tussen de tweede en derde single. Ik heb er over nagedacht om het uit te stellen, omdat ik het nut er niet echt van inzag als je niet eens leuke shows rond je release kan doen. En in the end draait muziek daar voor mij om. Ik zie zelf ook gewoon het liefst een artiest live bezig. Ik kijk eerder live versies van artiesten op YouTube dan series op Netflix (lacht).

    Maar langs de andere kant zijn van heel wat nummers de ideeën ook al een tijd geleden ontstaan, dus wil ik ook gewoon mijn muziek releasen. Wat is anders het punt van muziek te schrijven om het dan aan niemand te laten horen? Uiteindelijk heb ik mezelf overtuigd met het feit dat het een andere periode is, maar dat niet wil zeggen dat ik daarom geen muziek kan uitbrengen. Achteraf halen we dat wel in met leuke shows te doen. Ik voelde ook gewoon een drang en soort leegte die ik moest opvullen om me gelukkig te voelen.

    Klinkt je muziek dan anders? Zo een jaar na corona?

    Nee, ik heb onlangs wel een nummer geschreven dat misschien verder is gevloeid uit een soort van ‘lockdown gevoel’. Dat specifiek nummer zou ik anders misschien dus niet hebben geschreven, maar ik denk niet dat de sound zo anders of verschillend is. Of dat nummer binnen het JEPP repertoire past, weet ik nog niet. Misschien zet ik het dan misschien wel eens op Soudcloud of zo.

    Je hebt dus ook een nieuwe single ‘Black’ uitgebracht. Over wat gaat hij precies?

    Het gaat vooral over jezelf durven laten zien. Het gaat ook over wat ik voelde en heb meegemaakt. De tijd dat ik in Zürich heb doorgebracht heb ik echt kunnen nadenken over mezelf en mijn ambities. Wat maakt mij gelukkig? Vooral jezelf durven laten zien. Niet dat ik dat ervoor niet deed, maar door vaak op een podium te staan en een publiek te hebben, ga je automatisch kanten van jezelf verstoppen. Zeker als je jezelf nog niet helemaal kent.

    Twee jaar geleden bracht Jasper een tijdje in Zurich door, waar hij zijn master in de popmuziek behaalde. “Hier heb ik twee maanden in de studio gezeten en samengewerkt met Tom Oehler, een Zwitserse producer. Het nummer ‘Black’ is toen eigenlijk gemaakt. Dat is een super belangrijk nummer voor mij, dus ook echt een must om te releasen. Omwille van zowel betekenis en sound, waarvoor ik sta en hoe ik mijn eigen op een podium zie staan.”

    “Door samen te zijn met mijn vriend, is dat ook wel iets dat het makkelijker maakt om te zeggen van: kijk, dit ben ik.”

    Door samen te zijn met mijn vriend, is dat ook wel iets dat het makkelijker maakt om te zeggen van: kijk, dit ben ik, dit is waarvoor ik sta, dit zijn mijn waarden en dit is de muziek die ik maak. Je kan je ook niet altijd proberen te vormen in situaties waarin iedereen het altijd goed gaat vinden.

    Een zin uit de song is dan ook: “I simply can’t believe in ever happy people that don’t wear black at all”. Daarmee beschrijf ik mensen die altijd proberen te laten zien dat alles goed gaat en nooit de mindere kanten van het leven laten zien. Ik snap dat, I’ve been there, maar het maakt je als persoon niet gelukkiger. Het is ook niet omdat ik een platform heb, dat ik vind dat dit mijn plicht is, maar ik voel me wel ergens verantwoordelijk om honderd procent mezelf te zijn.

    (Lees verder onder video.)

    Naast artiest zijn, geef je ook songwriting- en zangles. Hoe is dat voor jou?

    Ik vind dat heel leuk. Ik geef heel graag zangles en ik denk dat dat komt doordat ik zelf uit een muzikale familie kom. Ik heb zelf ook altijd zangles gehad, maar miste precies altijd iets in de lessen die ik kreeg. Voor mij waren dat altijd twee totaal verschillende werelden. Langs de ene kant stond ik op een podium en zat ik in de studio en langs de andere kant ging ik naar het conservatorium en volgde ik jazz gitaar en zangles. Het leken zo’n twee verschillenden werelden die elkaar nergens tegemoet kwamen. Terwijl dat eigenlijk wel zo is. Vanuit dat idee vertrekkende, probeer ik nu les te geven. De praktische ervaring die ik heb door effectief al op een podium te hebben gestaan en muziek te hebben uitgebracht probeer ik zo mee door te geven.

    “Wat heb je aan het feit dat je DO RE MI FA SOL LA SI DO kent, maar geen instrument kan bespelen of het implementeren?”

    Als ik les geef, vertrek ik dus uit wat de leerling wil doen en waar ik denk dat hij of zij nog in kan bijleren. Aan de hand hiervan zal ik ook theorie geven, maar we blijven vooral bij de essentie. Ik vertrek dus vanuit het praktische oogpunt met bijhorende theorie. Ik denk dat deze manier van lesgeven en krijgen veel interessanter is. Dat doet me trouwens denken aan een kleuter. Die leren toch ook eerst horen en spraak en daarna schrijven. Eigenlijk is dat exact hetzelfde bij muziek. Begin te luisteren, te spelen, te ontdekken en daarna kan je beginnen opschrijven en zelf formuleren.

    Wat mogen we nog verwachten van JEPP?

    Veel muziek, dat sowieso! Dat is wat ik me nu ook heb voorgenomen. De muziek die er nu is, zal ik uitbrengen. Ik wil dat mensen weten waarvoor ik sta, zowel als persoon als als JEPP. Wanneer mensen aan JEPP denken, moeten ze denken aan ‘Oké, dat is dat soort show, dat soort muziek en zo ziet dat er uit’. Hiervoor heb ik nog niet de kans gehad om dat te laten zien. Ik wil proberen de popscene in Vlaanderen te vergroten en er wat verandering in te brengen. Ook al is er al een heel opkomende scene – we mogen wel wat opener denken, ook visueel gezien. Daar wil ik graag aan bijdragen om die muren te doorbreken.

    “Het is belangrijk om andere dingen te laten zien, dan die hier nu al werken”.

    Voor de rest liggen er nog zo een zeven à acht nummers klaar, die ik graag op een EP zou zetten. Al komen er eerst nog wat singles aan. En natuurlijk wanneer het kan, komen er ook bijhorende coole shows aan.

    Voor deze shoot werkten we samen met Brusselse studente textielontwerp Angele Albarel.

    © Margit Vantoortelboom

    © Margit Vantoortelboom

    © Margit Vantoortelboom

    © Margit Vantoortelboom

    © Margit Vantoortelboom

    © Margit Vantoortelboom

    © Margit Vantoortelboom

    © Margit Vantoortelboom

    Advertentie
    Advertentie

    Lees Meer

    Advertentie